© 2017 Wil van Bree
Please reload

Recente berichten

Brief aan Mia (deel 3)

26 Mar 2017

juli 2016

Lieve Mia

 

 

Zes weken in Spanje heeft mij meer vrienden opgeleverd dan vijftien jaar Simpelveld.

Ik moet kennissen zeggen, het zijn nog geen vrienden maar potentiële vrienden. In het klasje voor Spaanse les zijn we met zes vrouwen. Allen Engels, alleen de lerares en ik komen uit Nederland. Mary, een blonde vrouw van 46, is voor de tweede keer getrouwd en zojuist afgestudeerd in Engelse literatuur. Haar dochter studeert aan Oxford universiteit. Twee bollebozen dus. Gilly, is een Jamaicaanse schone, zij is jazz en soul zangeres, treedt met haar band in Marbella op in een Beachclub, geeft kooklessen en lacht heel hard. Dan hebben we Helen, een vrouw van ergens in de 60. Zij oogt smal en ze heeft het haar half zwart, half rood geverfd en aan één kant geschoren. Zien jullie haar voor je? Ze mompelt heel snel een dialect Engels en ik moet me dan ook bijzonder inspannen om haar te volgen. Ze naait haar kleren zelf en toen ze hoorde dat ik dat ook doe en bovendien ook brei en haak af en toe, vond ze dat ik absoluut bij haar in het breiclubje moet komen. Dan is er Caryl. Een beminnelijke alleenstaande vrouw van mijn leeftijd die tijdens de eerste ontmoeting in tranen uitbarstte omdat haar hond twee weken daarvoor door een auto was overreden. Bovendien was ze gevallen en had haar enkel gebroken. Gelukkig was Jadey er. Een jonge aantrekkelijke vrouw van 26. Onze Moeder Teresa. Ze straalt van hulpvaardigheid en is zo verschrikkelijk aardig dat ik de neiging krijg haar voortdurend te knuffelen. Zij is voor Caryl gaan zorgen, die er dus alleen voor staat en pas een half jaar in Spanje woont, de taal niet spreekt, de weg niet kent. Afijn, het zal je maar overkomen.

Jadey vertelde mij zelf dat zij een verwend Engels meisje is geweest, die niet eens zelf een eitje kon bakken. Haar moeder kookte, poetste, en ruimde alle rotzooi achter haar dochter op. Tot Jadey een vriend kreeg en besloot met hem mee te gaan naar Spanje. Dit was voor haar een revolutionaire stap. Aangezien haar vriend drie weken per maand elders in de wereld werkt en één week bij haar in Spanje verblijft, moest madammeke leren koken, poetsen en opruimen. Nu is ze daar zo goed in geworden dat ze zelfs “housekeeping” voor rijke mensen doet waar ze een zakcentje mee bijverdient. En verder leeft ze zich uit in haar belangeloze aandacht voor eenieder die hulpbehoevend is.

Dan hebben we onze lerares nog. Een bescheiden, zachtaardige klassiek mooi en slanke Nederlandse. Ze zal misschien begin veertig zijn. Moeder van drie jongens, afgestudeerd politicologe aan de universiteit van Amsterdam. Spreekt op zachte toon, vriendelijk en een beetje hummend, vloeiend Spaans en Engels. Door mijn deelname aan de Spaanse lessen maak ik sinds vier weken deel uit van dit groepje. Aangezien het dorp Sedella maar rond de 500 inwoners, drie bars/restaurants en twee winkeltjes heeft, heb ik veel kans om  hen tegen te komen.

Bij toeval kwamen mijn lief en ik er achter dat de maandagochtend een belangrijke ochtend kan zijn. Na het ochtendritueel van zwemmen en yoga stelde ik hem voor om niet in het natuurreservaat te wandelen maar met de honden een dorpswandeling door Sedella te maken en af te sluiten met een kopje “café con leche". Omdat we ’s ochtends geen zin in klimmen hebben (’s middags en ’s avonds ook niet), kozen we het cafe van Rafael (the weelchair) uit dat redelijk toegankelijk aan een van de drie toegangswegen van Sedella ligt. Even terzijde: Er wonen drie Rafaels in Sedella, Rafael the wheelchair, een enorme Spanjaard met uitpuilende buik die vanuit zijn rolstoel vrolijk de tap bedient en uiterst handig met het ding manoeuvreert. Dan is er een Rafael the painter, een meneer die prachtige schilderijen produceert met engelen in alle kleuren en maten en nog een Rafael maar ik ben vergeten van welke specialiteit hij zich bedient.

Nu even verder met mijn maandagochtend gebeurtenis.

Rafael “the wheelchair” heeft aan de overkant van de drie en een halve meter brede straat een klein terras met drie rode plastic tafeltjes. Sinds het dors-festival drie weken geleden, zorgt de groene doek boven de straat voor lekker veel schaduw. Na een korte dorpswandeling strijken we neer op een van de plastic stoeltjes bij het café. Even verderop zitten een onbekende meneer en mevrouw. Na enige glimlachjes en knikjes heen en weer, roept de vrouw plotseling uit: ’And where are you from?’

Zo begint een uiterst geanimeerd gesprek met ene Susie en Chris. Beiden 74 jaar en al 13 jaar in Spanje. Binnen een kwartier word ik uitgenodigd om hen thuis te bezoeken want we hebben veel “in common”. Susie schildert met aquarel en ik met olieverf. En dat geeft voldoende band voor een uitnodiging.

In de verte slentert er een groep luid pratende Engelsen dichterbij. Ik herken Helen (een andere Helen dan die met haar rood/zwart geschoren koppie)) en haar man Tom met de lelijke tanden, huisoppassers, oorspronkelijk van Australië, maar zwervend over de hele wereld om op huizen te passen van rijke mensen. Zij hebben Toms vader, zus, broer en aanhang op bezoek. Alle tafels worden met een vanzelfsprekendheid gebaar aan elkaar geschoven en Mirek en ik zijn plots onderdeel van de Engelse gemeenschap want Susie en Chris kennen hen natuurlijk ook. Helen heeft een tas groenten bij zich en begint de courgettes uit te delen. Iedereen heeft een tuin hier op de “campo" en het land geeft overvloedig en altijd te veel. Er wordt niks opgepot want ook bij elke Spaanse les is er wel iemand die een zak vol citroenen, pruimen, of kersen uitdeelt. Als even later mooie Estelle komt aanlopen en wij elkaar hartelijk begroetten met enkele zoenen is het thuis gevoel compleet. Door de uitnodiging van Estelle - een mooie Engelse dame van 70 - een week eerder, kregen wij de kans om de Engelsen beter te leren kennen tijdens een dineetje bij Rafael. Zij heeft zich over ons nieuwkomers ontfermd en ons geïntroduceerd. Heel lief en sociaal. Ze woont sinds 1984 in een prachtig huis in het dorp. Toen wij haar bezochten en we bij de kerk afspraken (want kom er maar eens uit waar iemand woont in die wirwar van kleine straatjes) heeft ze ons een rondleiding door het dorp gegeven. Ze wist alles af van de historie. Wie waar had gewoond, wie getrouwd was met wie, waar er ruzie heerste en waar geluk.

We gaan nog even terug naar het terras op maandagochtend. Iets na elven komt de auto van de post. Een jong vrouwmens opent de achterdeuren. De mannen in het gezelschap staan bijna tegelijkertijd op en sluiten achter aan de lange rij die er inmiddels is ontstaan. Mijn lief loopt geïnteresseerd met Chris mee. Als hij tegen Chris opmerkt dat hij snapt waarom al die mannen geduldig in de rij staan bij zo een knappe Spaanse postbode, draait de Spaanse zich om en antwoordt in vloeiend Engels een dankjewel. Haar dag kan niet meer stuk. Hier in de bergen komt er geen vuilnisman je rotzooi opruimen of een postbode de brieven en pakjes afleveren. Elke dag stopt de postjuf rond een bepaald tijdstip in een dorp en iedereen wordt geacht zelf te informeren of er iets voor hem bij zit. De Engelsen hebben de gewoonte om elke maandagochtend te komen kijken en zo is er rond elf uur een gezellige drukte om elkaar weer te treffen en de laatste roddels uit te wisselen. De postjuf bewaart de post twee weken. Kom je het voor die tijd niet ophalen dan gaat de brief retour afzender. Ik heb al verhalen gehoord van Engelsen die vier weken op vakantie naar huis gingen, hun belangrijke post niet ophaalden en vervolgens hun huis werden uitgezet omdat ze niet binnen de termijn hadden gereageerd.

De oplossing is om al je post bij Rafael “the wheelchair” aan te laten komen. Hij bewaart de brieven en pakjes minstens een half jaar voor je en hij verwacht slechts een bestelling van een drankje of een hapje terug.

Naast de post afhandeling heb ik nog een paar belangrijke dingen ontdekt in het sociale leven in de bergen. Mijn buurman Manolo heeft een restaurant geopend zonder papieren. Hoe doe je dat in Spanje? Hij noemt het een buurtvereniging en iedereen uit de omgeving wordt lid en kan bij hem eten. Hij heeft het vast voor zijn zoon bedacht want er is weinig tot geen werk hier in de buurt en zijn zoon en schoondochter koken en bedienen. We hebben een paar dagen geleden een heerlijke paella bij hen gegeten.

Onze directe buren (nou ja, achter de heuvel) zijn alleraardigste Schotten. Houdt ze in ere! Zij heten Sandra en Neal en we zijn van dezelfde leeftijd. Met hen hebben we al twee gezellige avonden doorgebracht en we konden het niet beter treffen.

Onze huisbaas, Sr. Victoriano begint los te komen. Hij waardeert blijkbaar onze gastvrijheid en neemt nu af en toe een speciaal flesje wijn mee uit de streek. Met onze drie woorden Spaans en een woordenboek naast ons, praten we minstens anderhalf uur vol. Daarna ploffen mijn lief en ik uitgeteld op een ligbed om bij te komen van de inspanning.

Lieve Mia, nu krijg je misschien de indruk dat wij niets ander organiseren dan uitjes en bezoeken. Niets is minder waar. Ik heb gewoon veel woorden nodig om de kleuren en toonaarden van de mensen te schilderen. De meeste dagen brengen we samen met de hondjes door op het erf. Zwemmen, opdrogen in de zon, afkoelen in de schaduw, een hapje koken, een wijntje drinken, lezen, computeren, dutten, en vooral elkaar vertellen hoe gelukkig we zijn, met elkaar en hier in Spanje.

 

Saludos,

Wil

Share on Facebook
Please reload

Please reload

Archief